De Joodse bevolking Talen
De niet-Joodse bevolking
Israelische gemeenschappen
Algemene informatie
De staat Israël heeft circa 7,4 miljoen inwoners.
Het meest opvallende kenmerk van de Israëlische bevolking is haar diversiteit. Afgezien van een grove indeling van de inwoners van het land in Joden (80%) en Arabieren (20%), zijn er ook nog onderverdelingen mogelijk. Zo zijn er bijvoorbeeld religieuze en seculiere Joden, die weer onderverdeeld kunnen worden in verschillende allochtone bevolkingsgroepen, die hun eigen cultuur trouw zijn gebleven. Ook de Arabieren kunnen worden onderverdeeld in Moslims, Christenen en Druzen. Bovendien biedt Israël ook onderdak aan kleine etnisch-religieuze groeperingen, zoals de Circassiërs, de Samaritanen en de Duitse Beit El gemeenschap in Zichron Ya'akov.
Een ander opvallend fenomeen is de snelle bevolkingsgroei, die voor een ontwikkeld land als Israël relatief hoog is. Sinds de vestiging van de Staat is de bevolking van Israël bijna vertienvoudigd, voornamelijk als gevolg van de immigratie van Joden uit de hele wereld. Vandaag de dag kan Israël worden beschouwd als een dichtbevolkt land, ondanks het feit dat grote delen van het land zeer dunbevolkt zijn. De bevolking van Israël is jong (de gemiddelde leeftijd is 28,3 jaar), de zuigelingensterfte is laag (5,8 per 1000 geboorten) en de levensverwachting is hoog (78,7 jaar).
De Joodse bevolking
De staat Israël werd opgericht in 1948 op het hoogtepunt van de Onafhankelijkheidsoorlog. Het was de bekroning van een lang proces, waarin het Joodse volk was begonnen terug te keren naar hun thuisland - een proces dat zich ook na de vestiging voortzette. Sinds de vestiging van de Staat zijn er zo’n 2,7 miljoen Joden vanuit circa 130 landen naar Israël geïmmigreerd. Deze onophoudelijke stroom immigranten heeft zijn stempel gedrukt op de samenleving en de politiek van het land.
De bevolkingsgroei heeft zich in Israël niet gelijkmatig ontwikkeld, maar deed zich voor in vier grote golven. Deze worden in het Hebreeuws “Alija” (opstijging) genoemd. Tussen 1948 en 1951 nam Israël ongeveer 700.000 immigranten op, wat als gevolg had dat haar bevolking zich verdubbelde. In het midden van de jaren ‘50 kwamen er vanuit Noord-Afrika en Roemenië circa 170.000 immigranten naar Israël. En in het begin van de jaren ‘60 kwam de volgende golf van 180.000 immigranten uit Noord-Afrika. In de jaren ‘90 arriveerden in Israël zo’n 900.000 immigranten uit de voormalige USSR en zo’n 60.000 uit Ethiopië, die allen in Israël werden opgenomen.
De vele verschillende landen van herkomst zorgen ervoor dat de Joodse bevolking in Israël zeer divers is. Sinds de vestiging van de Staat hebben de regeringen van Israël een zogenaamd "smeltkroes-beleid" aangenomen. Veel allochtone groeperingen hebben hun tradities echter in meer of mindere mate behouden. Tegelijkertijd is in de loop der jaren het percentage van, in het land zelf geboren Israëliërs (sabra’s), onder de bevolking geleidelijk gegroeid, en vertegenwoordigt nu de meerderheid (65%) van de Joodse bevolking. Dit proces, nog versterkt door de toename van gemengde huwelijken tussen leden van verschillende gemeenschappen en de stijgende invloed van de westerse cultuur, zorgde voor een geleidelijke vervaging van de onderlinge verschillen tussen de Joodse gemeenschappen in Israël. Naast de indeling in gemeenschappen, kunnen de Joden in Israël ook worden ingedeeld naar de mate van religieuze naleving: ultra-orthodox (12%), religieus (10%), traditioneel (35%) en seculier (43%).
De niet-Joodse bevolking
De grote niet-joodse minderheid in Israël, ongeveer een vijfde deel van de bevolking, is Arabisch. Het merendeel van de Israëlische Arabieren is te vinden in de Arabische nederzettingen aan de coastal plane, in Galilee
, en in het noorden van de Negev. Grote concentraties van Arabieren zijn tevens te vinden in gemengde steden als Haifa, Jeruzalem, Akko en Ramla.
Een overgrote meerderheid van de Arabieren in Israël bestaat uit soennitische moslims, en slechts ongeveer een tiende is christen (voornamelijk Grieks-orthodox). Onder de Israëlische Arabieren zijn bedoeïenen te vinden, de vroeger nomadische woestijnbewoners. De bedoeïenen in Israël leiden nu een sedentair leven in vaste nederzettingen, voornamelijk in het noorden van de Negev, maar ook in Galilea. De Druzen (zie onder) vormen weliswaar een eigen religieuze gemeenschap, zijn echter Arabieren.
Israël bevat nog meer etnische en religieuze groeperingen. Dit zijn de belangrijkste:
Druzen: Leden van een godsdienst, die in de 11e eeuw ontstond uit de sjiitische islam, met aanhangers die voornamelijk zijn te vinden in Syrië, Libanon en Israël. Momenteel leven er in Israël ongeveer 115.000 Druzen in 17 nederzettingen in Galilea, op de Karmelberg en in de Golan
.
Circassiërs: Leden van een islamitisch, niet-Arabische volk uit de Kaukasus. Toen hun land in de 19e eeuw door de Russen werd veroverd, emigreerden veel Circassiërs naar het Ottomaanse Rijk en sommigen kwamen naar het Land van Israël, waar zij de dorpjes Richaniya en Kafr Kama stichtten.
Samaritanen: Leden van een nationaal-religieuze gemeenschap, waarvan de godsdienst nauw verwant is met het Jodendom. De Samaritaanse gemeenschap ontstond na de Assyrische verovering van het Koninkrijk Israël. De bevolking van het Koninkrijk Israël, die in het land achterbleef, vermengde zich met de volkeren, die door de Assyrische koningen naar dit gebied waren verbannen. In de oudheid was de gemeenschap nog groot en sterk. Mislukte opstanden in het Byzantijnse tijdperk en de druk, die er door de moslims op de Samaritanen werd uitgeoefend om zich tot de islam te bekeren, verminderden geleidelijk hun aantal. Er zijn nu nog zo'n 700 Samaritanen overgebleven, waarvan de helft in de stad Holon woont, en de andere helft in Nablus.

Israëlische gemeenschappen
Israël is een dichtbevolkt land (circa 300 mensen per vierkante kilometer), waarbij de meeste inwoners in steden en dorpen wonen. De bevolking is echter niet gelijkmatig over het land verdeeld. Het merendeel is langs de kust te vinden, terwijl de Negev met meer dan de helft van de totale oppervlakte van Israël, zeer dun bevolkt is.
Circa 91% van de Israëlische bevolking woont in stedelijke gebieden van meer dan 2000 inwoners. Ongeveer een kwart woont in één van de vier grote steden (Jeruzalem, Tel Aviv, Haifa en Rishon LeZion). De grootste stad van Israël is Jeruzalem met ongeveer 746.300 inwoners. In Tel Aviv wonen maar ongeveer 392.000 mensen. Er wonen echter meer dan 1,6 miljoen men
sen in het grootstedelijk gebied van Tel Aviv, dat zich uitstrekt van Herzliya in het noorden tot Rishon LeZion in het zuiden.
In het begin van de 20e eeuw ontstonden de eerste kibboetsen en mosjavs, twee verschillende vormen van agrarische communes, die kenmerkend zijn voor Israël. De kibboets is een communevorm, gebaseerd op gemeenschappelijke eigendom van land, productie- en gebruiksmiddelen. De mosjav is een agrarische nederzetting, die individueel eigendom combineert met coöperatieve elementen als wederzijdse hulp en gemeenschappelijke inkoop en marketing. Een landbouwcrisis en sociale veranderingen in Israël hebben in de jaren ’90 veel van de oorspronkelijke principes van de mosjav uitgehold, en de meeste kibboetsen ondergingen vergaande hervormingen en werden in meer of mindere mate geprivatiseerd.
In de loop der jaren ontstonden in Israël ook andere gemeenschapsvormen. De moshava was kenmerkend voor het begin van de nieuwe Joodse kolonisatie van Israël. Moshavot, zoals deze in het meervoud in het Hebreeuws werden genoemd, waren agrarische nederzettingen van kleine boeren met productiemiddelen in privébezit. Tijdens de eerste jaren van haar bestaan werden er in Israël nederzettingen gesticht, ontwikkelingsteden genaamd, als oplossing voor de huisvesting van nieuwe immigranten en als middel een evenwichtige bevolkingverspreiding te realiseren. Het merendeel van deze ontwikkelingssteden ontstonden ver van de bestaande steden in Israël.
Talen
De officiële talen van Israël zijn Hebreeuws en Arabisch. Engels is de belangrijkste taal voor het onderhouden van externe betrekkingen. De meeste Israëli's spreken Engels, en de meeste wegwijzers zijn ook in het Engels.
De meest gebruikte taal in Israël is het Hebreeuws, dat door zes miljoen mensen wordt gesproken. Daarna komt het Arabisch, dat door meer dan een miljoen mensen wordt gesproken. Omdat Israël een land is van immigratie, worden er in de verschillende allochtone gemeenschappen nog meer talen gesproken. De belangrijkste van deze talen zijn Russisch (ca. 900.000), Joods-Arabisch (ca. 300.000) en Jiddisch (ca. 200.000).
